vtbkultuur Brussel Fotoclub

Brussel Fotoclub

Tips voor dierenfotografie

Nu er geen workshops zijn geven we graag tips die je zelf kan toepassen op je eentje, zonder begeleiding

Datum: 22/05/2020 tot 01/07/2020
Plaats: in uw kot
Adres: thuis thuis, 1000 Brussel
Type: Cursus/workshop

Tips voor betere dierenfoto's

 Groepsactiviteiten kunnen nog niet, dus voorlopig geen workshops, maar we bieden je graag een aantal tips die je gemakkelijk zelf kan uitproberen in je tuin, in een park of op uitstap naar een dierenpark, met inachtneming van de voorschriften die in deze tijden gelden

1. KEN JE TOESTEL.
Dit lijkt vrij banaal, maar hoe vaak wordt een (dieren)foto niet gemist omdat men net bezig is met aan de instellingen te werken en zo het toestel niet in de aanslag heeft.  Een toestel heeft heel wat knopjes om het te bedienen, maar voor een fotograaf en zeker bij dierenfotografie is het belangrijk de aandacht bij het 
onderwerp te houden en de instellingen van het toestel blind te kunnen aanpassen m.a.w. op het gevoel het juiste knopje te weten staan en te kunnen bedienen.
Oefen thuis alvast met het aanpassen van de instellingen terwijl je oog aan de zoeker gekleefd blijft.  Het lijkt ingewikkeld, maar mits wat oefening lukt het en loop je geen foto mis omdat je het toestel niet inde aanslag had en instellingen aanpaste....
Zorg er in het minimale geval voor dat je weet hoe je de instellingen (ISO waarde, voorkeursnelheid, voorkeurdiafragma, keuze schepstelpunt,....) kan wijzigen zonder hiervoor de handleiding nodig te hebben.

2. KEN JE ONDERWERP
Een dier reageert onverwacht.... maar niet steeds.  Bestudeer je onderwerp of het nu een leeuw of de kat van de buurman is of welk ander dier dan ook.  Vaak geven dieren een seintje en weet je enkele tellen vooraf wat er zal gebeuren, op voorwaarde dat je die seintjes verstaat en herkent.  Lees over de dieren die je wil fotograferen, bekijk natuurdocumentaires en besteedt flink wat tijd aan observatie.  Je zal snel merken dat je nu wel klaar bent om op het exacte honderdste van een seconde af te drukken en niet net een seconde te laat

3. KIES DE JUISTE INSTELINGEN
Houdt rekening met je onderwerp bij het bepalen van de basisinstellingen waarmee je de fotosessie wil beginnen.  Dieren bewegen dus is een hoge sluitersnelheid belangrijk (tenzij om speciale effecten te bekomen - maar die vergen hun eigen instellingen).  Werk ook best met instellingen aangepast aan een niet statisch onderwerp: zet de autofocus op volgstand (bij Canon Ai-servo), waardoor hij zich automatisch aanpast aan de beweging van het onderwerp dat binnen zijn bereik is.  

4. LET OP JE PLAATSING
Zorg er voor je zo op te stellen dat je ongeveer op hetzelfde niveau staat dan het dier dat je wil fotograferen.  Niets vervelender dan een reeks beelden van liggende dieren de vanuit de hoogte gefotografeerd zijn, of vogels allemaal in kikkerperspectief.  Durf te hurken of zelfs te gaan liggen of integendeel een hoger standpunt in te nemen, naargelang hoe hoog of laag je onderwerp zich bevindt.  Niet altijd mogelijk, maar denk er over en pas het zo mogelijk toe, maar gebruik uw gezod verstand (we raden niemand aan op de grond te gaan liggen om een voorbijkomende leeuw te fotograferen of tot in de kruin van een boom op een dunne tak te klauteren om vogels in beeld te brengen).

5. GEEF DE DIEREN RUIMTE IN BEELD.
Toon dieren ook in hun omgeving, beperk je zeker niet tot alleen maar portretshots.  Door het dier ruimte te geven in beeld vertel je ook het verhaal dat bij je beeld hoort.  Wissel af: sommige beelden kunnen  in portret/close up, bij andere is ruimte een plus.

 

<
>
x